Kennel de Ursidae Stee

Tsjechoslowaakse Wolfhonden & Leonbergers

Gedrag, temperament & levensverwachting

Hier vindt u achtereenvolgens de volgende informatie over de Leonberger:

A. Gedrag, Temperament & Levensverwachting
B. Aanschaf van een Leonberger
C. De Rasstandaard
D. De Geschiedenis van het ras

 

A. Gedrag, temperament & levensverwachting

 

Een Leonberger valt onder de rasgroep “Pinschers, Schnauzers, Molossers en Zwitserse Sennenhonden”

 

Temperament en gedrag :

In vergelijking met andere grote  dogachtige honden (zoals b.v. de Newfoundlander en de Sint Bernard) is Leonberger veel actiever. Het is een grote levendige hond die veel beweging nodig heeft. Het is ook een sportieve hond die graag dingen samen met zijn eigenaar doet.

Maar wanneer je hem buiten de nodige beweging geeft, zal de Leonberger in huis een zeer rustige hond zijn.

Waneer een Leonberger pup goed gesocialiseerd en opgevoed is, zijn de activiteiten die je later met hem kunt ondernemen legio.

In het eerste jaar van zijn leven groeit een Leonberger enorm snel, daarom mag en kan je hem i.v.m. de ontwikkeling van zijn botwerk het eerste jaar nog niet te veel intensief belasten. Maar daarna zijn alle dingen door een opgebouwde training natuurlijk wel mogelijk.

 

De meeste Leonbergers zijn ook gek op water en hebben met name een voorliefde voor plassen en moddersloten! Wij hebben hun voorliefde voor water altijd gebruikt om ook “waterwerk” met ze te doen. Onze honden genoten altijd zichtbaar van deze activiteiten en haalden met veel enthousiasme steeds opnieuw drenkelingen op en/of sleepten boten aan de kant.

 

Een Leonberger is meestal ook een goede waakhond.  Door zijn overwegend vriendelijke gedrag naar andere mensen, denkt men vaak dat hij niet “waaks” is. Maar het tegendeel is waar!

Omdat het ook een sensitieve hond is, heeft hij altijd feilloos in de gaten wanneer mensen kwade bedoelingen hebben, en laat dit dan ook duidelijk merken.

Hij zal mensen die hij kent ook altijd vriendelijk begroeten wanneer u er zelf bij bent. Maar wanneer u niet thuis bent en de zelfde mensen willen zo maar (ongevraagd) uw huis binnen komen zal hij dit zeker niet toestaan!

 

Andere dieren:
Een Leonberger kan, net als veel andere hondenrassen, makkelijk leren om met andere huisdieren in het gezin samen te leven.  Zij beschouwen alle dieren die tot het gezin (= hun roedel) behoren als iets vanzelfsprekends.  Over het algemeen accepteren ze ook zonder problemen dat visite met andere honden op bezoek komen (mits ze dat van jongs af aan gewend zijn!). Daarnaast zullen ze dieren die ongevraagd zo maar op eens onze roedel komen binnen stappen niet direct accepteren: Onze honden leven bv zonder een enkel probleem samen met onze poezen, maar staan niet toe dat de poes van de buren zo maar onze tuin (in feite het territorium van onze roedel) in komt!

 

Intelligentie:
Een Leonberger is een redelijk intelligente hond die vrij snel snapt wat de bedoeling van iets is (zeker wanneer hij er zelf profijt van heeft!) Daarom zijn er ook diverse activiteiten met deze honden mogelijk.

 

Werkhond capaciteiten:
Alhoewel een Leonberger zeker niet onder de werkhonden rassen valt, vinden ze het wel heel leuk en prettig om samen met hun baas “te werken”!  Naast het al eerder genoemde “waterwerk” is een ander voorbeeld hiervan b.v. dat veel Leonbergers (en hun eigenaren!) met veel plezier deelnemen aan het Speur- en Reddingswerk (zie voor voorbeelden hiervan de site van de LHCN onder reddingswerk: http://www.leonberger.nl/ 

 

Gezondheid:
Voor een groot ras is de Leonberger relatief gezien ook een redelijk gezond ras. Natuurlijk spelen er net als bij alle andere rassen een aantal gezondheids problemen binnen de populatie. Maar door open en eerlijk te inventariseren en samen te werken proberen zowel de LHCN (de officiële RV) en Leo Libero (Kring van samenwerkende fokkers) deze problemen uit te bannen. Daarvoor zijn er b.v. regels t.a.v. de HD (heup displasie) en cataract m.b.t. honden waarmee gefokt wordt.
De gemiddelde levensverwachting van een Leonberger ligt rond de 10 jaar.

 

Hieronder volgt nog informatie over:

B. Aanschaf van een Leonberger

C. De Rasstandaard
D. De Geschiedenis van het ras

 

Aanschaf van een Leonberger

B. Aanschaf van een Leonberger

Als u geinteresseerd bent in een Leonberger en misschien overweegt om er ooit zelf een aan te schaffen, is het  zinvol om ook de volgende items hier onder ook goed te lezen:
Is het een ras voor u? 
* Aanschaf, Kosten & Voorbereiding
* Reu of Teef? / Pup of Oudere hond?

 

* Is het een ras voor u?

Onze opinie:

Zelf vinden wij de Leonberger natuurlijk een fantastisch ras! 

Maar dat zal zeker niet voor iedereen opgaan! Want als eigenaar van een Leonberger krijg je ook te maken met een aantal zaken waar je bij andere hondenrassen geen rekening mee hoeft te houden. 

 

De positieve punten:

De Leonberger is een imposante hond met een prachtige vacht. Ondanks zijn krachtige verschijning is het toch een vlot bewegende en actieve hond. Het is ook een sportieve en slimme hond, die het leuk vindt om samen met z’n baas dingen te ondernemen.

Door zijn voorkomen alleen al boezemt hij ontzag in, en daarnaast is hij van nature ook nog een goede bewaker.  Er zullen maar weinig mensen zijn die uw huis durven binnenkomen als u er niet bent!  Maar het zijn in het dagelijks leven ook een hele open en vriendelijke honden, die het prachtig vinden als er mensen op bezoek komen. Ze laten zich dan ook graag door bezoek en kinderen knuffelen.

Kort samengevat: een Leonberger is een actieve, sportieve, sensitieve en slimme hond, met een schitterend uiterlijk.

 

 

De nadelen:

Op deze site kunt je bij de informatie over “gedrag &  temperament” al diverse positieve punten over de Leonberger lezen.

Maar dit in onze ogen fantastische ras heeft ook een aantal nadelen en zaken waar je rekening mee moet houden. En het is heel goed om je die ook te realiseren voordat je besluit om een Leonberger aan te schaffen!

 

·          Een Leonberger is geen hond die je hele dagen in een bench of kennel kunt houden. Ze houden er van om bij en met mensen samen te zijn. Een Leonberger zul je dan ook gewoon in je gezin moeten opnemen.

 

·          Net als eigenlijk bij ieder ander hondenras, zal je als mens voor een Leonberger een duidelijke alpha (=roedelleider) moeten zijn. Alleen op die manier zal de hond ook respect voor je hebben wanneer hij eenmaal  volwassen is.  (en alleen al gezien zijn grootte en kracht kan men het zich absoluut niet  permitteren om niet de “echte baas” voor en over de hond te zijn!)

 

·          Gezien het bovenstaande is het ook beslist noodzakelijk om een of meerdere gehoorzaamheids cursussen met de hond te volgen. (Wij vragen van onze puppy kopers dan ook om minimaal een puppy cursus en een vervolgcursus te volgen)

 

·          Gezien zijn voorliefde voor modder en water, zullen uw vloeren , muren en deurposten regelmatig smerig en zwart worden.

 

·          Als ze gezwommen hebben en opgedroogd zijn, zult u versteld staan van de lading zand die blijkbaar in hun vacht zat en nu op uw vloer ligt!

 

·          De haren van hun prachtige vacht zult u ook regelmatig niet alleen op uw meubilair en vloeren terug vinden, maar ook in/op allerhande voorwerpen tot aan het boter kuipje toe!

 

·          Je zal rekening moeten houden met de beperkingen van een snelgroeiende grote hond. I.v.m. de ontwikkeling van zijn botwerk zijn lange wandelingen en traplopen voor pups en jonge honden uit den boze!

 

·          Gezien hetgeen een grote hond als een Leonberger van zijn baas vraagt, is het zeer zinvol als men al wat weet van hondengedrag en opvoeding alvorens men aan een pup begint.

 

Voor u zelf:

Vind u al de bovenstaande nadelen wel overkomelijk?
Vind u al de positieve punten zeker opwegen tegen de nadelen?
Heeft u genoeg moed, energie en tijd om een jonge pup te socialiseren, op te voeden en te trainen?
Heeft u genoeg tijd om te delen met een hond die een heleboel affectie, aansturing en aandacht nodig heeft?
Heeft u energie, mogelijkheden en zin om veel van uw tijd samen met uw Leonberger te delen?

 

Als u deze vragen eigenlijk met een eerlijk nee zou moeten beantwoorden, kunt u beter niet aan dit ras beginnen!

 

Het zou dan op termijn voor u en de hond op een teleurstelling uitlopen.

En er zijn natuurlijk nog veel meer leuke en mooie hondenrassen die wellicht beter geschikt voor u kunnen zijn!

 

Maar als u deze vragen met ja kunt beantwoorden, zou u zeker een heel geschikte Leonberger eigenaar kunnen zijn!

Door een Leonberger aan te schaffen, krijgt u een trouwe kameraad, die graag met en bij u wil zijn en van alles met u wil doen! En die daarnaast, als het nodig is, u ook zeker zal beschermen!

 

  

* Aanschaf, Kosten & Voorbereiding

Kennis maken:

Als u na het lezen van alle informatie over Leonberger overweegt om er zelf een aan te schaffen, is het zeer zinvol om ook eens een aantal fokkers en eigenaren te bezoeken.  Dan kunt u de honden ook eens in de praktijk van het dagelijks leven meemaken en de eigenaar ook alle vragen stellen die u nog hebt.

 

Keuzes maken:

Wanneer mensen een pup van een bepaald ras willen gaan aanschaffen, is het ook zinvol dat ze van te voren eens kijken welke honden van dat ras ze wel of niet aanspreken. Er zijn binnen ieder ras altijd wel onderlinge verschillen in uiterlijk of gedrag (grotere honden, kleinere honden, vriendelijke honden, bange honden, pittige honden etc.) Kijk welk type honden u aanspreken en ga niet alleen af op het feit of de ouderdieren wel of niet kampioenen zijn. (want kampioenen geven niet per definitie kampioen pups. Want als dat zo was hadden fokkers van alle rassen al lang alleen maar kampioenshonden!)

 

Het is ook belangrijk om eerst eens een fokker/kennel persoonlijk te bezoeken en de ouderdieren (of ten minste de moederhond) te zien. Want als mensen pas gaan kijken als er al pups zijn, is het altijd heel verleidelijk om er maar gelijk een aan te schaffen, want alle puppy’s zijn even schattig! Kijk dus of de ouderdieren u aanspreken (bij een schuwe moeder hond is er bv een kans dat pups ook schuw zijn), hoe de honden gehouden worden. En vraag daarnaast wat de HD uitslagen van de ouders zijn, of de ouderdieren een karakterschets (Leo Libero) of een MAG test (LHCN) gehad hebben. Daarnaast is het fijn dat u gewoon “een goed gevoel” heeft bij een fokker. Want hij/zij is wel degene waarbij u met later ook met al uw evt.  vragen over opgroei en opvoeding van uw pup terecht moet kunnen!

 

Aanschafkosten:

Binnen Nederland variëren de aanschafkosten voor een Leonberger tussen de € 850,-- en € 1.000,-- (peildatum mei 2004)

 

Voorbereiding:

Er zijn een aantal zaken die u al kunt doen voordat de nieuwe pup in huis komt.

 

Uw huis:

(Wanneer u de fokker/kennel van uw keuze bepaalt heeft is het wachten op de pup en kunt u beginnen om uw huis “puppy bestendig” te maken!)

·          Maak uw huis “puppy veilig” en zorg er dus voor dat er geen gevaarlijke situaties kunnen ontstaan. Ga daarvoor eens op uw knieën zitten en kijk eens vanuit een puppy oogpunt naar uw huis!

·          Zorg er voor dat hij niet bij snoeren kan komen waar hij op kan gaan kauwen, kijk of er geen scherpe dingen zijn waar hij zich aan kan bezeren.

·          Daarnaast is het handig om geen hangende kleedjes op puppy hoogte te hebben!

·          Kijk of er geen zware voorwerpen staan die makkelijk om kunnen vallen.

·          Beveilig ook uw evt. verzamelingen kleine voorwerpen in open kasten waar de pup bij kan komen.

·          Zorg er voor dat alle zaken waar hij op kan gaan knauwen (zoals schoen ed) op een veilge plaats staan opgeborgen.

·          Zorg er voor dat chemische middelen of vergif (bv ratten of mollen gif) op een hoge veilige plaats staan.

·          Scherm evt. balkons en trappen af, zodat de pup er niet af kan vallen

·          Zorg er voor dat er en goed hek om de tuin staat, zodat de pup niet zo maar de weg op kan rennen.

 

Speelgoed:

Een pup heeft ook speelgoed nodig. In de eerste maanden zal een pup, zeker tijdens zijn tandenwissel periode op van alles en nog wat willen knauwen. In dierenzaken is veel speelgoed voor honden te vinden, maar denk er aan dat een TsW krachtige tanden/kiezen heeft en dat daar lang niet al dit speelgoed tegen bestand is! Daarnaast is het verzamelen van allerhande “knuffels” natuurlijk ook een optie. (denk er wel aan om oogjes en andere rare uitsteeksels te verwijderen) Deze speeltjes zijn natuurlijk geen lang leven beschoren, vandaar dat het handig is een voorraadje aan te leggen. (In onze puppy map staan nog meer tips voor zaken die als puppy speelgoed kunnen dienen)

 

Slaapplaats (en vet. Bench of kennel):

Het is heel zinvol om u van te voren ook te oriënteren op de diverse mogelijkheden van slaapplaatsen, benches of een klein kenneltje waar u de pup zo nu en dan ook even alleen in kunt achter laten als u weg moet. 

 

* Reu of Teef? / Pup of Oudere hond?

Een reu of een teef:

Dit is puur een kwestie van persoonlijke voorkeur. Mensen denken vaak dat een teef, van welk ras dan ook, makkelijker is voor een eigenaar. Maar in de praktijk is dit niet altijd waar. Daarnaast vindt men de reuen van de meeste rassen doorgaans wat dominanter, maar ook teven kunnen dit zijn!

Allebei de seksen hebben hun voor’s en tegen’s. Teven worden loops, maar reuen kunnen weer hun eigenaar b.v. weer tot wanhoop brengen als er een loops teef in hun buurt woont!

Daarnaast is het ook heel bepalend of u al honden heeft en hoe die omgaan met de verschillende seksen.

Ga dus gewoon uit van wat het beste past in jouw situatie (bv in verband met al aanwezige honden) en bespreek ideeën daarover ook eens met anderen (eigenaren, fokker) in je omgeving.

 

Een pup of een oudere hond

Als mensen besloten hebben om een hond van een bepaald ras aan te schaffen, gaan ze er vaak automatisch van uit dat het dan beslist een pup moet zijn. Want heel vaak wordt gedacht dat alle al wat oudere honden waarvoor een nieuwe eigenaar gezocht wordt, “probleemhonden” zijn. Maar dat is slechts maar in enkele gevallen waar!!
En bovendien ligt het in die incidentele gevallen vaak ook niet aan de hond, maar aan de vorige eigenaar! Een ervaren “hondenmens” weet ook vaak van deze zogenaamde “probleemhonden” met wat heropvoeding en training er weer een prima kameraad van te maken.

Naast alle pups zijn er ook soms wat oudere Leonbergers waarvoor een nieuwe eigenaar wordt gezocht.  Vaak is de reden hiervoor de familie omstandigheden van de eigenaar (bv sterfte, ziekte, scheiding, verhuizing etc) waardoor de eigenaar helaas afstand moet doen van een prima gesocialiseerde en opgevoede hond.

Het zijn vaak hartstikke fijne honden waar niets mis mee is, en die er niets aan kunnen doen dat ze herplaatst moeten worden!!!

Dus als je echt een Leonberger wilt gaan aanschaffen is het ook zeer zinvol om je van te voren af te vragen wat in jouw situatie het meeste bij je past; een pup of een al wat oudere hond.

Een paar punten ter overweging:

Een pup:
Een pup vraagt heel erg veel tijd:
• Hij moet zindelijk gemaakt worden (duurt bij een wolfhond soms wat langer dan bij een ander ras)
• Hij moet dus ook veel vaker (en kort) uitgelaten worden
• Hij moet vaker gevoed worden
• Je moet de tijd nemen om hem met van alles laten kennismaken, om later een goed gesocialiseerde hond te krijgen
• Het blijft nog een verrassing hoe hij als volwassen hond uit gaat zien.
• Je moet hem net als een klein kind goed in de gaten houden om evt. ongelukken te voorkomen
• Daarnaast moet je de tijd hebben en het leuk vinden om je pup van alles bij te brengen (hij kent vaak zijn naam nog niet eens en zeker geen commando’s!).
• En vanaf het eerste moment dat hij bij je is, moet je hem dan ook spelenderwijs bijbrengen wat jij als roedelleider gewenst en ongewenst gedrag vind.
En houd er ook rekening mee dat ook pups geld kosten! Het pupvoer is vaak duurder, de pup moet entingen krijgen, ontwormd worden en wellicht een of twee keer naar de dierenarts.

Een oudere hond:
Het enige dat ieder hond eigenlijk nodig heeft om goed te kunnen functioneren is een "alpha" (roedelleider) boven zich. Zodra een oudere (herplaatste) hond een nieuwe duidelijke roedelleider heeft zal hij deze snel als zodanig accepteren er zich ook aan hechten.al gauw accepteren en zich hechten.
• Via spel en training moet je hem “bewijzen dat jij zijn nieuwe roedelleider bent.
• Is al zindelijk
• Kan lange wandelingen lopen
• Is in staat (soms na wat gewen training) om naast de fiets mee te lopen
• Heeft twee maaltijden per dag nodig
• Is vaak al merendeels gewend aan alle situaties in onze samenleving
• Kent al enkele (of meerdere) basis commando’s
• Als hij volgroeid is weet je, in tegen stelling tot een pup, hoe hij er als volwassen hond uit ziet


En natuurlijk hebben zowel het kiezen voor een pup als voor een oudere hond “voor’s” en “tegen’s”.
Maar omdat iedereen haast altijd automatisch kiest voor een pup, wil ik hierbij ook eens te laten zien dat het nemen van een oudere hond ook voordelen heeft!
Zelf heb ik jarenlang diverse honden (van verschillende rassen) in crisissituaties acuut in mijn huis opgenomen. Na observatie en (wanneer het nodig was) resocialisatie en enige “heropvoeding” (heel simpel bewijzen dat een mens gewoon altijd de alpha (roedelleider) is en het bijbrengen van alle basis commando’s) hebben deze honden allemaal een heel fijn nieuw “thuis” gevonden. En alle nieuwe eigenaren waren ook meer dan blij met hun wat oudere hond!! 
En in tegenstelling tot de verhalen over herplaatste honden, die in het algemeen vaak de ronde doen, werden dit ook prima combinaties!

Hoe je een oudere Leonberger die een nieuw “thuis” zoekt kunt vinden:

Via de site van Leo Libero kun je een mail sturen om aan te geven dat je interesse hebt in een evt. herplaatste hond : http://www.leolibero.nl/

 

en hetzelfde kun je doen via de site van de LHCN (hier is ook een button herplaatsing opgenomen): http://www.leonberger.nl/

 

 

Tip:
En als je kiest voor een wat oudere hond, vraag dan wel altijd uitdrukkelijk naar de reden waarom hij herplaatst moet worden.

 

En wanneer je geïnteresseerd bent in een specifieke hond, ga dan altijd eerst eens een paar keer samen wandelen (en vraag of de hond ook als “proef” bij je mag komen logeren). Dan kun je ook zien hoe de hond op je reageert, en hoe het je bevalt om samen met hem te zijn. Want het moet natuurlijk ook wel een beetje “klikken” tussen jullie!

 

Hieronder volgt nog informatie over:

C. De Rasstandaard
D. De Geschiedenis van het ras

De Rasstandaard

C. Rasstandaard Leonberger

Algemene verschijning
De Leonberger is een zeer grote, krachtig gebouwde, gespierde, maar toch elegante hond. Aan zijn bouw is zijn oorspronkelijke gebruiksdoel af te lezen. Zijn harmonische lichaamsbouw en zelfverzekerdheid springen samen met een levendig temperament daarbij in het oog.
Vooral de reu is imposant en straalt kracht uit.

Verhoudingen
De schouderhoogte verhoudt zich tot de lichaamslengte als 9:10. De borstdiepte bedraagt rond 50% van de schouderhoogte.

Gedrag, karakter
Als gezinshond is de Leonberger onder de huidige woon- en leefomstandigheden een aangename partner, die zonder problemen overal naartoe kan worden meegenomen en die uitblinkt door uitgesproken kindvriendelijkheid. Hij is niet schuw of agressief. Als gezelschapshond is hij een prettige, volgzame en onbevreesde kameraad onder alle omstandigheden.

Tot de gewenste karaktervastheid behoren vooral:

  • zelfverzekerdheid en voorname kalmte,
  • een gematigd temperament (waartoe ook speelsheid behoort),
  • het kunnen bijbrengen van gehoorzaamheid,
  • het leergierig en opmerkzaam zijn,
  • het niet bang zijn voor geluiden en lawaai.

Hoofd
Over het geheel dieper dan breed en eerder gestrekt dan gedrongen. Voorsnuit en schedel ongeveer even lang. De huid ligt overal strak aan, geen kopplooien.

Schedel zowel van opzij als van voren gezien weinig gewelfd. Krachtig, passend bij lichaam en botwerk, maar nooit zwaar. Het achterste deel is nauwelijks breder dan dat bij de ogen.

Aangezichtsschedel
Stop: duidelijk zichtbaar, echter matig diep.

Neus: altijd zwart.

Voorsnuit: vrij lang, nooit spits toelopend. Neusrug overal even breed, nooit hol, eerder licht gewelfd (ramsneus).

Lippen: aangesloten, zwart met gesloten mondhoek.

Kaken: krachtig met een perfect, regelmatig compleet schaargebit, waarvan de bovenste rij tanden zonder tussenruimte over de onderste valt. De tanden (42 conform de gebitsformule, waarbij het ontbreken van de M3 wordt getolereerd) staan loodrecht in de kaak. Een tanggebit is toegestaan. De onderkaak mag geen insnoering vertonen bij de hoektanden.

Wangen: slechts weinig ontwikkeld.

Ogen: licht- tot zo donker mogelijk bruin, middelgroot, ovaal, niet diepliggend noch uitpuilend, noch te dicht noch te ver uit elkaar staand. De oogleden sluiten goed, zodat geen bindvlies te zien is. Het wit van de ogen (het zichtbare deel van de lederhuid) mag niet rood zijn.

Oren: hoog, niet te ver naar achteren aangezet. Hangend, middelgroot, vlezig, tegen het hoofd gedragen.

Hals
Gaat licht gebogen zonder knik in de schoft over. Liever wat lang dan gedrongen. Geen losse keelhuid of wammen.

Lichaam

Schoft: duidelijk afgetekend, in het bijzonder bij de reu.

Rug: krachtig, recht en breed.

Lendenen: breed, krachtig, goed bespierd.

Croupe: breed, tamelijk lang, licht gerond, vloeiend overgaand in de staartaanzet. Overbouwd is verwerpelijk.

Borst: breed, diep, minstens tot de ellebogen reikend. Niet te tonvormig, eerder ovaal.

Onderbelijning: slechts licht oplopend.

Staart: zeer rijk behaard. In stand recht omlaag hangend, ook in de beweging slechts weinig opgebogen en bij voorkeur niet boven het verlengde van de ruglijn uitkomend.

Ledematen: zeer krachtig, speciaal bij de reu.

Voorhand

Benen: recht, evenwijdig. Niet nauw.

Schouders/bovenarm: lang, schuin geplaatst, een niet te stompe hoek met elkaar vormend.

Voormiddenvoet: krachtig, niet slap. Van voren gezien recht, vanaf de zijkant gezien bijna loodrecht.

Voeten: in stand recht. Niet naar binnen, noch naar  buiten gedraaid. Redelijk rond, gesloten, tenen goed gewelfd. Voetkussens zwart.

Achterhand

Benen: van achteren gezien niet te nauw staand, evenwijdig. Spronggewrichten niet naar binnen noch naar buiten wijzend.

Bekken: schuin geplaatst.

Dijbenen: tamelijk lang, schuin gelegen, sterk bespierd. Dijbeen en sprong moeten een duidelijke hoek vormen.

Spronggewrichten: krachtig, duidelijke hoek tussen sprong en achtermiddenvoet.

Voeten: in stand recht naar voren wijzend. Niet te lang. Tenen gewelfd. Voetkussens zwart.

Gangwerk: ruim uitgrijpend. Regelmatig bewegingsverloop in alle gangen. Voor veel grond nemend, achter goed stuwend. In stap en draf van voren en van achteren gezien blijven de benen steeds recht.

Vacht

Structuur: middelzacht tot stug. Rijkelijk lang, vlakliggend, nooit in een scheiding. De beharing laat overal ondanks de vele ondervacht de lichaamsbouw zien. Sluik, beetje golvend nog toegestaan. Aan hals en borst een manenkraag, vooral bij reuen. Duidelijke bevedering aan de voorbenen, uitgesproken broek aan de achterbenen.

Kleur: geel, rood, roodbruin, ook zandkleurig (vaalgeel, crêmekleurig) en alle combinaties daarvan, altijd met zwart masker. Zwarte haarpunten zijn toegestaan, zwart mag echter niet de grondkleur van de hond bepalen. Lichtere aftekeningen in de grondkleur aan de onderkant van de staart, de manen, de bevedering van de voorhand en de broek aan de achterbenen mogen niet zo sterk zijn, dat ze de harmonie met de grondkleur verstoren.

Een kleine witte borstvlek of smalle streep op de borst zijn toegestaan, net als witte haren aan de tenen.

Schouderhoogte

Reuen 72-80 cm, aanbevolen gemiddelde 76 cm
Teven 65-75 cm, aanbevolen gemiddelde 70 cm.

Fouten

Ieder kleine afwijking van de hiervoor genoemde punten moet als tekortkoming, iedere grotere afwijking als fout worden aangemerkt. De kwalificatie dient in verhouding te staan tot de ernst van de afwijking en aangeven in welke mate daarmee rekening is gehouden (zeker waar het gaat om gedrag, type, harmonie, gangwerk).

Diskwalificerende fouten

  • schuwe en agressieve dieren
  • sterke anatomische fouten (bijv. duidelijke koehakkigheid, uitgesproken karperrug, zadelrug, sterke uitdraaiing van de voorvoeten, volstrekt onvoldoende hoeking van schouder-, elleboog-, knie- of spronggewricht)
  • ontbreken van gebitselementen (met uitzondering van de M3), boven- of ondervoorbijter, andere gebitsfouten
  • te kleine honden
  • sterk gekrulde of te hoog gedragen krulstraat
  • ongewenste kleuren (bruin met bruine neus en  bruine voetzolen, black and tan, zwart, zilvergrijs, wildkleur)
  • geheel ontbrekend masker
  • bruine neusspiegel, bruine voetkussens
  • sterk pigmentverlies in de lippen
  • ogen zonder bruin
  • te veel wit (reikend van tenen tot middenvoet, meer dan handgrote borstvlek, wit op andere plaatsen)
  • entropion, ectropion.

Hieronder volgt nog informatie over:

D. De Geschiedenis van het ras

 

De Geschiedenis van het ras

onder constructie